Annabel en de grote zoektocht

In deze les leggen we de medische zaken op kinderniveau uit. Vaak worden kinderen geconfronteerd met deze ziekte, maar begrijpen ze er eigenlijk weinig van. Via een les kan u het kind, maar ook de vriendjes informeren over deze ziekte, zodat er veel vragen opgelost zullen zijn.

Lesdoelen

Leerlingen kunnen:

  • vertellen wat er in het lichaam gebeurt als een persoon kanker heeft.
  • uitleggen waarom een persoon ziek is van chemotherapie.
  • vertellen wat chemotherapie is.
  • vertellen over hun gevoelens rond het onderwerp kanker.

Oriëntatie: Kringgesprek kanker

Benodigdheden: bord, post-its

Indien dit de eerste les is die u geeft rond dit onderwerp, kan het aangeraden zijn om even met de leerlingen samen te zitten en te polsen naar de beginsituatie.

Deze zaken kunnen misschien van pas komen:

  • Wie is er al geconfronteerd met kanker?
  • Hoe is deze persoon geconfronteerd?
  • Wat weet deze persoon over de ziekte?

U kan hiervoor een woordenspin maken aan het bord met post-its. De leerlingen schrijven zaken waaraan ze denken als ze kanker horen op en plakken dit aan het bord. Hierna kan u rond de post-its een klasgesprek houden.

Leskern: Annabel en de grote zoektocht

Voor het lezen van het verhaal

Vertel de kinderen dat je een verhaal zal vertellen dat uitlegt wat kanker nu eigenlijk is. Wat gebeurt er allemaal in het lichaam? Zorg dat de kinderen comfortabel zitten als u het verhaal vertelt. Vertel het verhaal in één keer, laat achteraf de kinderen vragen stellen.

Het verhaal voorlezen

Zorg dat de kinderen comfortabel zitten tijdens het luisteren naar het verhaal. Maak het gezellig in de klas. Haal er eventueel een aantal kussens bij. Zet de kinderen in de kring zodat iedereen het verhaal goed kan zien.

Voorpagina

Kringgesprek rond het verhaal

Na het verhaal kan u enkele vragen stellen om te kijken of iedereen alles wel goed begrepen heeft. Laat de kinderen vragen stellen indien ze dit hebben. Indien u moeite heeft om bepaalde moeilijke begrippen uit te leggen, kan u hiervoor kijken op p. 11.

  • Wie is Annabel?
  • Waar woont ze?
  • Wie woont er nog bij haar?
  • Wat gebeurt er als er een slechte cel op bezoek komt?
  • Wat doet Annabel dan?
  • Hoe voel jij je dan?
  • Wat gebeurt er als er een vriendje van Annabel stout wordt?
  • Wat moet de dokter dan doen?
  • Wat als een operatie niet helpt?
  • Wat doen de Chemootjes?
  • Waarom moeten de Chemootjes vaak op bezoek komen?
  • Waarom word je soms ziek van de Chemootjes?
  • Waarom moet je overgeven als er Chemootjes op bezoek zijn?
  • Waarom valt je haar uit?
  • Hoeveel keer moeten de Chemootjes op bezoek komen?
  • Moet je voor altijd Chemootjes krijgen?
  • Wanneer mogen de Chemootjes stoppen met op bezoek te komen?

Geef de kinderen de kans om zelf hun vragen te stellen.

Chemootjes en stoute cellen maken

Benodigdheden: klei, eventueel blinddoeken, placemats

Geef de kinderen een stukje klei. Laat ze de ogen sluiten en laat ze hun eigen Chemootje of stoute cel maken. Na een tijdje mogen ze de ogen openen en het kunstwerk afwerken. Lijken de werkjes op elkaar? Waarom wel/ niet? Waar ben je het meeste bang voor?

Aftellen maar!

Benodigdheden afhankelijk van de gekozen werkvorm

Soms weet een leerling hoeveel chemosessies de persoon moet krijgen. U kunt dan samen met de klas een grote aftelkalender maken. Verdeel de klas in groepjes (naargelang de aantal sessies) en laat het een Chemootje ontwerpen. Die kan u dan op een groot blad hangen in de klas. Na elke sessie mag er een Chemootje weggenomen worden.

U kan de Chemootjes laten ontwerpen door:

  • Scheur- en plaktechniek: De leerlingen scheuren allerlei kleine stukjes uit tijdschriften en plakken deze dan op.
  • Knutselen met afval: Breng allerlei goedkope of kosteloze materialen mee naar klas en laat de leerlingen hier een monstertje mee maken.
  • Verven: Laat de leerlingen een tekening maken met witte wasco en ga hier over met ecolineverf. (Vooral bij de jongere kinderen bruikbaar.)
  • Laat de leerlingen de monstertjes tekenen en laat ze die dan beplakken met allerlei materialen.
  • Laat iedere leerling afzonderlijk een deeltje van het Chemootje ontwerpen en plak deze dan aan elkaar.

Naspelen

Indien de leerlingen de verhaallijn maar moeilijk begrijpen, is het misschien handig om hen dit te laten naspelen in klas. Verdeel als leerkracht de rollen en maak er een soort inleefoefening van!

Imaginaties

Laat de kinderen de ogen sluiten en vertel het verhaal uit het standpunt van Annabel. Zo beleven de kinderen het verhaal van nog dichterbij.

Slot: De emotiebus

In deze les krijgen de leerlingen te maken met heel wat informatie. Daarom is het goed om de leerlingen de kans te bieden om deze emoties te uiten.

U kan dit doen via deze dramavorm:

U zet enkele stoelen vooraan in de klas. Dit is de bus. Telkens als er een persoon de bus op komt (met een bepaalde emotie), neemt iedereen in de bus deze emotie over.

Variant: Leerlingen staan in een kring. Ze geven een emotie door, maar deze wordt steeds groter en groter. Hoe groot kan deze emotie worden?

Tekening 13

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s